jaargetijden in de natuur

Natuur

“De mens kan alleen op deze aarde leven met de natuur. De natuur kan heel goed leven zonder de mens.” – G.F. Hagedoorn

Op mijn 25ste levensjaar ben ik begonnen met tuinieren. Op dit gebied heb ik me autodidactisch ontwikkeld. Ervaring en praktijk leverden samen een waardevolle uitbreiding van kennis in al die jaren.

Vooral op het gebied van wilde inheemse planten kan ik vele kleine kiemplantjes onderscheiden. Deze kennis gebruik ik bij mijn eigen ontwikkelde methode SELEKTIEF WIEDEN. Dat betekent in de praktijk dat ik geen schoffel gebruik en de bodem zoveel mogelijk met rust laat in de zin van dat ik het wat zich bovenaan bevindt ook bovenaan laat. Spitten verstoort deze ordening. Met de riek wrik ik soms een beetje, wat extra lucht in de bodem brengt en maakt dat onkruid wat ik wil verwijderen, gemakkelijker echt los komt.

Overigens vertelt het onkruid wat op de bodem verschijnt ook iets over de bodemstructuur. Kennis van hoe een onkruid zich onder de grond beweegt, levert een constructieve bijdrage in het wel of niet laten staan. Woekerplanten, die zich met hun wortels onder de grond door bewegen, zorgen in positieve zin voor dat de grond doorlucht wordt. De keerzijde is dat een wat kwetsbaarder plant hier geen groeikans heeft. Ook ontstaat met deze woekerplanten gemakkelijk een soort van monocultuur. Bekende woekerplanten zijn guldenroede, brandnetel, witte dovenetel, groot hoefblad en boerenwormkruid.

De door mij toegepaste methode levert op den duur een verbeterde bodemstructuur op, waarin het leven in de bodem met wormen en allerlei andere levende grondbewoners is toegenomen. In die zin is het een zeer goede bijdrage en scheppende voorwaarde aan een ekologisch leefklimaat. Tegelijkertijd stimuleer ik met het selektieve wieden de diversiteit.
Zo geef ik een bijdrage aan de heden ten dage steeds actueler wordende duurzaamheid. Voor mij is de natuur een grote en belangrijke ondersteuningsbron naast muziek.

Mijn uitgangspunt bij tuinieren is dat MOEDER AARDE haar huid graag bedekt heeft. En op een kaal stuk aarde zal de natuur met haar rijke voorraad aan zaden zorg dragen dat dit gebeurt. Zo zullen de planten die haar van nature thuis horen in de blote aarde gaan ontkiemen. In de volkstaal worden deze planten onkruid genoemd.

Een tuin met onkruid of beter wilde planten, danwel veldplanten kan een lust voor het oog zijn. Zeker wanneer je dit als tuinierster begeleidt. De kunst is vind ik om gedurende elk jaargetijde de tuin iets bloeiends aanwezig te laten zijn. In de maanden juli en augustus, is het een vrij gemakkelijke tijd om aan deze eis te voldoen. Kennis van kiemplantjes biedt me de mogelijkheid om met een vooruitziende blik in te spelen op de toekomst.

Sommige plantjes laat ik staan, andere verwijder ik met het wieden: deze methode noem ik SELEKTIEF WIEDEN. En pas ik al jarenlang toe.
Wanneer je in deze kennis geïnteresseerd bent kan ik je begeleiden in jouw tuin om dit te gaan toepassen.

Met wilgetakken en kornoelje, wat buigzame houtsoorten zijn, maak ik levende kunstwerken. Dit kan ook in opdracht voor u verzorgd worden.

wilgenkunstwerk wilgenkunstwerk

Op psychisch en emotioneel niveau vind ik de natuur ook een prachtige spiegel voor het levensproces. Het nieuwe wat in het voorjaar met de lente naar voren komt, in de zomer tot bloei komt. In het najaar de oogst en het overbodige sterft af, wat zich omvormt ofwel transformeert tot compost, vruchtbare aarde.
Deze vruchtbare aarde schept een goede voorwaarde voor het ontstaan van een nieuwe levensvorm: wat gaat er komen? De winter lijkt zo een vorm van rust. Het is denk ik een noodzakelijke rust (waarin interne processen plaats vinden. En vandaar uit komt nieuw leven tevoorschijn.
Ooit vertelde iemand me voor de schepping is duisternis en rust nodig. Dat is wat in het groot de winter in ons klimaat biedt. En in het ritme van dag en nacht is het de nacht.
In de uitspraak “Ik zal er een nachtje over slapen” geef je aan een besluit de kans om het onbewuste ook in de besluitvorming mee te nemen.

Vol van verwachting en met geduld kijk ik uit naar het geen komen gaat.
Een uitspraak die met name van de winter naar de lente een grote rol speelt.